Samenvatting:
De marconist Cameron gaat aan de Chinese kust aan land om de
Europese beschaving en het verleden achter zich te laten. Hij doolt
eerst door de havenstad Tai Hai, rookt een nacht opium bij de
mafia-achtige handelaar Hsioe en blijft dan een tijdje wonen bij de
typisch Chinese familie van de horlogemaker Tsju. Als hij daar niet
langer kan blijven, wil hij het binnenland intrekken. Hij meldt zich bij
Hsioe, die hem aanneemt om een wapentransport te begeleiden naar de
stad Tsjong King. De reis gaat eerst per jonk naar de stad Nin Yang,
waar de andere reisgenoten worden opgehaald: de zwaar aan de opium
verslaafde Franse marine-officier Sylvain, de altijd lachende Rus
Godonow, Fong Sjen, wier mooi gelaat ontsierd wordt door een zweer, en
de oude Op-één-na, die zijn naam te danken heeft aan het feit, dat hij
telkens net niet zijn laatste examen haalde.
Als de
rivier overstroomt, verkopen de reisgenoten rijst aan de uitgehongerde
mensen. Dan begint de echte tocht over land naar Tsjong King. Daar
aangekomen worden de reisgenoten gevangengenomen.
Tsjong
King is een eeuwenoude stad die, in tegenstelling tot andere Chinese
steden, alle westerse invloeden weert. Toch heeft de Toe Tsjoen besloten
westerse wapens te kopen en ze te laten demonstreren door de
gevangenen. De oorlogsgodpriester Kia So is hier sterk tegen. Hij roept
per brief de hulp in van de monnik Wan Tsjen om de vreemdelingen te
weren, die volgens hem Tsjing Kong zullen vernietigen.
De
tochtgenoten worden allemaal bij een \"gastheer\" ondergebracht,
Cameron bij Velho, nazaat van een westerling. Cameron krijgt de opdracht
een radio te bouwen, wat hem lukt. Tijdens de demonstratie van de radio
komt een bode vertellen dat er een gele vloed uit de waterbron spuit,
die inn opdracht van Cameron was aangeboord. Tsjong King dreigt te
overstromen. Kia So wil Cameron offeren, maar hij valt in het oliemeer.
Cameron laat een gedeelte van de stadsmuur ontploffen om de olie weg te
laten stromen. Door de explosie wordt hij weggeslingerd. De olie vat
vlam en in een mum van tijd staat Tsjong King in brand. Als Cameron bij
bewustzijn komt, wil hij naar Wan Tsjen, naar het Land der Sneeuw.
Na
lange tijd bereikt Cameron de hoge bergtop, waar hij vanuit het huis
van Velho vaak naar heeft gestaard. Daarachter ligt het Land der Sneeuw,
vanwaar Wan Tsjen hem roept. Maar Cameron aarzelt, valt, en komt inn
het westelijk paradijs, een rood papavermeer, waar hij opium rookt en
een perfecte minnares heeft. Maar het paradijs wordt verstoord door
klokjes, wier geklingel de stemmen uit het Land der Sneeuw overbrengt.
Dan laat Wan Tsjen hem verschillende kanten zien. Eerst China, het Rijk
van het Midden, het midden tussen een westerse, dynamische wereld en een
oosterse, statische wereld. Daarna het Land der Sneeuw, een geestelijk
rijk, waar een eeuwigdurend gevecht tegen de demonen wordt geleverd.
Cameron is niet sterk genoeg om hier te wonen: hij zou onmiddellijk
prooi worden van de demonen. Cameron blijft rondtrekken door het Rijk
van het Midden. Hij heeft voor zijn leven op aarde geen andere zin
gevonden dan zichzelf.
Extra interessante informatie:
Het is een steeds terugkerend thema in het werk van Slauerhoff: de zoektocht naar het
onbekende, exotische, gevaarlijke.
maandag 2 februari 2015
De leeuw van Vlaanderen - Hendrik Conscience
Samenvatting
Om te beginnen is er dus het historische verhaal van de veldslag. Dat is de kern waar het verhaal om draait. Conscience vertelt het verhaal aan de hand van de lotgevallen van de graaf van Vlaanderen, Gwijde van Dampierre, en zijn zoon, Robrecht de Béthune. De bijnaam van deze laatste is ‘de leeuw van Vlaanderen’ en hij is ook de echte held van het boek. Graaf Gwijde en zijn zoon werden door Filips de Schone, koning van Frankrijk, gevangen gezet. De koning kon zo zijn gezag over het graafschap Vlaanderen uitoefenen en hij hief er zware belastingen. Een opstand kon, zo schrijft Conscience, natuurlijk niet uitblijven. Die brak inderdaad uit onder de ambachtslieden in Brugge, onder leiding van Pieter De Coninck en Jan Breydel. Deze opstand van het volk werd bekend als de Brugse Metten van 18 mei 1302. De koning stuurde een strafexpeditie van Franse ridders naar de opstandige Vlamingen. Zij troffen elkaar bij de Slag der Gulden Sporen, 11 juli 1302. Deze twee historische gebeurtenissen vormen de hoogtepunten van Consciences geschiedenis.Aan die geschiedenis voegde Conscience ook wat toe. Zoals in veel andere historische romans (en nu nog in historische films) was dat in de eerste plaats een liefdesgeschiedenis, in dit geval tussen Adolf van Nieuwland en Machteld, de dochter van De Leeuw van Vlaanderen. Daarnaast vertelde Conscience alles vanuit het perspectief van de hoofdpersoon Robrecht. Dat gebeurde wel vaker, maar het bijzondere is dat hij De Leeuw als een held voorstelt. Op het hoogtepunt van de Guldensporenslag lijkt Robrecht zelfs bovennatuurlijke eigenschappen te bezitten – althans, zo zagen de Vlamingen zijn krijgsdaden. Hoewel hij volgens de historische bronnen niet aan de veldslag deelnam maar gevangen zat in Parijs, keerde De Leeuw in Consciences verhaal de krijgskansen. Robrecht de Béthune werd zo niet meer de zoon van een graaf uit een ver verleden, maar een held die aan zijn volk zijn kracht heeft getoond en zijn volk gered heeft van de Franse onderdrukking.
Extra interessante informatie:
De Leeuw van Vlaenderen is een historische roman. Historische romans nemen meestal een bijzondere plaats in tussen feit en fictie: ze vertellen veel feiten uit het verleden, maar ook veel wat de schrijver er zelf bij verzonnen heeft. De historische roman was een nieuw genre rond 1800 en het was Hendrik Conscience die het met zijn debuut In ’t Wonderjaer (1837) in Vlaanderen introduceerde. In 1838 schreef hij De Leeuw van Vlaenderen over een heldhaftige veldslag die echt plaats had gevonden in 1302. Maar hij wilde er meer mee bereiken dan een geschiedenis vertellen. Hij wilde in zijn eigen tijd het Vlaamse volk, zijn natie, er zelfvertrouwen mee geven. De Leeuw van Vlaenderen werd veel meer dan een historische roman; het werd het nationale epos van Vlaanderen.
De Leeuw van Vlaanderen was niet alleen in het verleden krachtig, zo meende Conscience, maar ook in zijn eigen tijd. Zijn verhaal moest aantonen dat de gebeurtenissen uit 1302 net zo goed in 1838 zouden kunnen geschieden. Daarom spreekt Conscience in zijn voorwoord (dat in latere drukken verdween) zijn landgenoten rechtstreeks aan. Hij wil hen opwekken om de politieke toestand, waarin het Nederlands in het nieuwe België geen volwaardige plaats had naast het Frans, te veranderen en op te komen voor hun eigenheid.
Lucifer - Joost van den Vondel
Samenvatting:
Apollion is naar aarde gestuurd om te kijken hoe het daar is. Hij keert terug en hij doet verslag aan Belzebub over het Hof van Eden. Hij verteld over de schoonheid en het leven van Adam en Eva. Belzebub hoort het aan en wordt jaloers. Dan komt Gabriël en hij vertelt dat God besloten heeft om de mens boven de engelen te verheffen. Aan de engelen wordt dienstbaarheid gevraagd met Lucifer aan het hoofd. Lucifer gaat klagen bij Gabriël over de nieuwe positie van de engelen. Lucifer besluit in verzet te gaan. Het plan is om de mens voor eeuwig uit de Hemel te sluiten. Apollion en Belial proberen de Rey (de goede engelen) over te halen om hen te volgen, dat lukt niet. Michael probeert de ruzie te stoppen en vraagt om gehoorzaamheid. Dat is echter tevergeefs. Er zijn nu twee partijen namelijk de Luciferisten en de Rey. Michael geeft zijn veldheer Gabriël met zijn schildknaap Uriël de opdracht om de opstand neer te slaan. Rafael probeert vrede te stichten, maar dat lukt niet. Hij bidt met de Rey samen tot God dat Hij de opstandige engelen genadig mag zijn. Uriël vertelt het verloop van de slag aan Rafael. Lucifer heeft de slag verloren en stort ter aarde. Daar verandert hij in een mengeling van zeven dieren die de hoofdzonden symboliseren. Gabriël meldt aan Michael dat Adam gevallen is omdat Eva gegeten heeft van de verboden vrucht. Ze had daarvan gegeten omdat Belial haar verleidde met een slang als tussenpersoon. Dat is de wraak van de Luciferisten. De duivels worden opgesloten door Uriël en de zwavelpoel wordt ontstoken om de gevallen engelen voor eeuwig te straffen.
Recensie (mening):
http://www.havovwo.nl/vwo/vne/bove/lucifer.pdf
Lanceloet en het hert met de witte voet
Samenvatting van het verhaal:
Intussen is Walewein ongerust geworden om zijn vriend Lanceloet. Hij reist hem daarom achterna en vindt hem uiteindelijk in het woud. Lanceloet vertelt hem wat hem is overkomen. Walewein laat zijn vriend achter bij een arts, en gaat naar het hof van de vorstin. Daar begint het huwelijk bijna. Walewein beschuldigt echter de bedrieger. De ruzie die ontstaat wordt beslist in een tweekamp. Met één slag klieft Walewein het hoofd van de ridder, die dood neervalt. Walewein vertelt aan de vorstin dat Lanceloet de echte overwinnaar van de leeuwen is, en haalt Lanceloet op. De vorstin wil maar al te graag met Lanceloet trouwen. Deze moet dat echter afwijzen, omdat zijn hart aan Guinevere, zijn koningin, toebehoort. Daarom keren Walewein en Lanceloet weer terug naar Camelot.
Extra interessante informatie:
Lanceloet en het hert met de witte voet behoort tot de zogenoemde ‘Arturromans’. Dat zijn verhalen waarin koning Artur en zijn ridders van de Ronde Tafel een hoofdrol vervullen. De tekst is verwant aan het Franse zogenoemde Lai de Tyolet, een kort verhaal over het thema ‘liefde’. Ook hierin speelt de jacht op een hert een belangrijke rol. De jacht op een hert werd in aristocratische kringen in de Middeleeuwen beschouwd als een edele sport. Het was gebruikelijk dat wanneer een hert geschoten was, de rechter voorpoot werd afgehouwen en aan een belangrijk persoon werd aangeboden. Opvallend in dit werk is dat Lanceloet weliswaar van plan is deze handeling te verrichten, maar dat zijn vriend Walewein eraan te pas moet komen om de voet daadwerkelijk aan de vorstin aan te bieden.Het verhaal komt voor in een handschrift dat nu in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag bewaard wordt, de zogenoemde Haagse Lanceloetcompilatie. In deze codex komen tien verhalen over Artur en zijn hofhouding voor. Lanceloet en het hert met de witte voet is één van de kortere verhalen. Andere, zoals Lancelot of de Queeste van de Graal, zijn vele duizenden verzen lang. Een aantal van deze Arturromans zijn vertalingen uit het Frans. Daartussen zijn dan de kortere, oorspronkelijk Middelnederlandse verhalen gevoegd. De populariteit van dit soort verhalen dateert uit het einde van de twaalfde eeuw, toen in Frankrijk Chrétien de Troyes over Artur en zijn ridders ging schrijven.
Lanceloet en het hert met de witte voet is een soort persiflage op een Arturroman: immers, de queeste van Lanceloet mislukt jammerlijk. Het is z'n vriend Walewein die hem uit de nesten moet halen. Men denkt daarom dat dit komt doordat het verhaal oorspronkelijk anders verliep, maar nu door de schrijver van het handschrift is aangepast aan zijn eigen bedoelingen. Want in de oorspronkelijke Franse romancyclus wordt de rol van Walewein steeds kleiner, ten gunste van Lanceloet. In Lanceloet en het hert met de witte voet zijn de rollen weer omgedraaid; waarschijnlijk wilde de compilator een verhaal vertellen om te laten zien hoe voortreffelijk Walewein wel niet was. Mogelijk gebeurde dit in opdracht van de eerste bezitter van het handschrift, de schrijver Lodewijk van Velthem, die leefde in het begin van de veertiende eeuw.
woensdag 5 november 2014
De ondragelijke lichtheid van het bestaan - Milan Kundera
Dit boek behoort onder de buitenlandse literatuur binnen mijn leeslijst.
Samenvatting van het boek:
Tomas, de lichtheid. Terezan, de zwaarte. Sabina, het verraad. Franz, de droom. Vier personages, vier manieren om in de wereld te staan, en het verhaal van hun botsing. Tomas ontmoet Tereza en trouwt met haar, maar kan zijn hang naar losse relaties niet opgeven. Sabina is zijn favoriete minnares: ook zij wil zich niet binden. Wanneer Franz, haar nieuwe geliefde, zijn vrouw voor haar in de steek wil laten, verdwijnt ze dan ook uit zijn leven. Hij zet zijn Grote Mars voort, terwijl Tereza en Tomas alsnog beleven wat onmogelijk leek: een idylle. Kundera bouwt dit verhaal uiterst geraffineerd op, in een spel vol variaties, dromen en bespiegelingen. Als geen ander is hij er in dit boek in geslagd ernst en lichtheid te verenigen. Met dit inmiddels klassiek meesterwerk - dat bovendien verfilmd werd - brak Kundera door bij het grote publiek.
Ideeënroman die bewezen wordt via de levens van
Tomas/Tereza en Franz/Sabina, waarbij Sabina, een onafhankelijke schilderes die haar land na 1968 heeft verlaten en in Genève woont, een verbindende rol tussen de koppels speelt door haar verhouding met Tomas. Deze chirurg en rokkenjager vlucht met Tereza naar Zwitserland. Beiden zullen echter terugkeren, Franz is een Zwitserse linkse intellectueel die aanvankelijk een ideale maîtresse vindt in Sabina. Kundera laat zien hoe op beslissende momenten in hun diverse levens lichtheid en zwaarte verwisselbaar zijn, liefde en haat, trouw en verraad, schoonheid en lelijkheid, kunst en kitsch, het komische en tragische, afhankelijk van ieders levensperspectief. Contrapuntsgewijs weeft Kundera hun diverse levens door elkaar, becommentarieert ze en veralgemeent ze met filosofische aforismen. Kundera (1929), vooraanstaand Tsjechisch schrijver, woont sinds 1974 in Frankrijk.
Voor een goede recensie kunt u de volgende link aanklikken: http://recyclezer.cobra.be/2012/10/22/eerste-bericht-van-de-recyclezer/
In de onderstaande link kunt u extra informatie over Milan Kundera vinden:
http://www.nederlands.nl/biografie/Milan+Kundera
Hotel Du Nord - Remco Campert
Hotel Du Nord heb ik gekozen omdat dit boek recent is uitgegeven en dus mijn leeslijst goed bijvult. De roman is onder te verdelen in drie delen:
Deel I (1-4)
De zestig jaar geworden Walter Manning (een niet al te succesvol schrijver) neemt zijn intrek in een hotel (Hotel du Nord) in het Noord-Franse Duneville. In het hotel is een aardige eigenaresse Germaine Lecouvreur, die het misschien wel op Walter heeft voorzien. Ze zijn van dezelfde leeftijd en ze is alleen. Walter heeft een opmerkelijke droom in het begin.
Hij komt rechtstreeks vanuit Berlijn waar hij met zijn (veel jongere) vriendin Nora Doré en een regisseur naar een filmfestival is geweest om een prijs op te halen. Hij heeft het scenario geschreven voor de film. Vroeger werd hij door een recensent van zijn gedichten neergesabeld. Het thema van die gedichten was volgens de beoordelaar “leegte”. Walter is naar Frankrijk gegaan om helemaal van alles en iedereen los te komen. Hij begint ook weer te drinken, wat hij twee jaar niet heeft gedaan (whisky en calvados). We komen te weten dat Walter heel jong zijn ouders heeft verloren bij een auto-ongeluk en dat hij daarna van pleeggezin tot pleeggezin heeft gezworven. Vroeger liep hij mee in alle mogelijke demonstraties en in één daarvan ontmoette hij Nora, een jonge actrice. Die wordt in hoofdstuk 3 van deel I de personale vertelster. Ze bereidt zich voor op een toneelstuk waarin ze de hoofdrol heeft gekregen (Storm in de voorstad). De repetities gaan niet goed en de regisseur kaffert haar uit. Ze is erg teleurgesteld in Walter die haar alleen heeft gelaten in Berlijn. Ze beseft dat ze de langste tijd met Walter heeft doorgebracht. Eigenlijk heet ze Mijntje Knol. Ze gaat de Oude Knol bezoeken die in een verzorgingstehuis ligt omdat hij kort ervoor een hartaanval heeft gekregen. Haar moeder heeft Nora’s vader in het verleden halsoverkop in de steek gelaten. Ook Nora heeft dus een probleem met haar ouders, net als Walter.
In hoofdstuk 4 is Walter weer de verteller: hij ontmoet de lokale journalist Xavier Audran die graag een interview voor zijn column met Walter wil. Walter die het liefst wil wegduiken voor de wereld, denkt erover na. Hij wil liever anoniem blijven.
Zo was het best uit te houden in Duneville. Hier een vergeten leven leiden, tot de stamgasten gaan behoren, wie weet een vrouw ontmoeten die niet al te veeleisend was. Ten slotte geaccepteerd door de bevolking. Waltèr, een man in wie men een verleden vermoedde waar men niet naar vroeg, maar un homme bien sympatique. (blz. 73) De journalist neemt contact op met zijn Nederlandse vriend Henri Donk, die net van plan is Nora te gaan interviewen in verband met haar prijs in Berlijn.
Deel II (5-9)
De enigszins platvloerse journalist Henri Donk is de volgende verteller. Hij is 34, wil carrière maken , desnoods ten koste van anderen. Voor hij met pensioen ging was zijn vader een hoge ambtenaar bij het ministerie van Algemene Zaken geweest. Van de journalistiek had hij geen hoge dunk. Die was alleen maar belust op sensatie, terwijl het land gediend was met rust. Ook hij heeft een bepaalde kind-ouderrelatie. Hij krijgt een mail van Xavier met het verzoek om informatie over Walter.
Nora praat met haar moeder die zal gaan waken bij haar vader in het ziekenhuis. Nora moet namelijk repeteren en spelen voor haar toneelstuk. (Hoofdstuk 6) In Hoofdstuk 7 is de regisseur Mike Groenewey aan het woord. Hij wil het succes van zijn film te gelde maken en er een variant op bedenken. Omdat hij vliegangst heeft, gaat hij per trein naar Amsterdam terug. Ook hij denkt aan zijn ouders.
Mike had zijn ouders al een tijd niet gezien, hij moest ze weer eens opzoeken. Ze woonden nu, na vele omzwervingen door de wereld, begonnen toen Mike naar de filmschool ging, in een huisje in een volkstuin aan de rand van Amsterdam, waar ze hun hippieverleden leefden, omringd door boeddhabeeldjes, Afrikaanse masters en andere versierselen. (blz.101-102)
Henri Donk woont de première van de Voorstad bij. Hij vindt er helemaal niets aan. Er wordt slecht gespeeld. Maar hij wil graag Nora interviewen. Hij maakt na afloop een afspraak met haar. Hoofdstuk 9 is dan het verslag van dat gesprek in de krant. Hij hemelt Nora op, maar verzwijgt voor haar dat hij weet waar Walter . Die wil hij zelf gaan bezoeken in Duneville.
Deel III (10-11)
Walter is nu ik-verteller en hij weet dat het hulpje in het hotel zijn aanwezigheid heeft verraden aan Xavier. Hij begint aan een dagboek. Hij denkt na over zijn schrijverschap en zijn toekomst. Hij vermoedt dat Germaine met hem wil flirten. Mogelijk blijft hij dan zijn leven lang verder door in het hotel. Maar hij weet niet of hij dat kan: hij is altijd een vluchter geweest.
(Van het begin af aan, tot en met Berlijn, heeft mijn leven in het teken van de vlucht gestaan. Ik ontvluchtte mijn pleegouders. Ik ontvluchtte mezelf. Ik ging op de loop voor mijn schrijftalent: ik vluchtte weg in handigheidjes. (blz. 129).
De volgende dag is het scenario alweer veranderd. Hij heeft Henri Donk ontmoet die hem een interview voor het roddelblad Shame&Fame wil afdwingen met de dreiging zijn verblijfplaats bekend te maken. Henri besluit meteen zijn koffer te pakken. Terug in Nederland heeft hij zich hervonden. Hij gaat schrijven aan een poëziebundel en hij zal geld moeten verdienen met scenario’s, maar hij heeft weer levenslust. Hij en Nora zullen vriendinnen blijven, maar geen geliefden. Aan Germaine heeft hij beloofd ooit terug te keren, maar hij weet zeker dat hij dat niet zal doen.
Een goede recensie over deze roman is: http://www.decontrabas.com/de_contrabas/2013/10/recensie-h%C3%B4tel-du-nord-remco-campert.html
Informatie over Remco Campert kunt u vinden door de volgende link aan te klikken:
http://www.debezigebij.nl/web/Auteurs/Auteur/Remco-Campert-1.htm
maandag 2 juni 2014
De kleine Johannes - Frederick van Eeden
Zelfgeschreven samenvatting van het verhaal:
De kleine Johannes is een sprookjes achtig verhaal over een
klein jongetje, waarvan de leeftijd niet helemaal duidelijk is. Johannes houd
erg van de natuur, en voelt zich thuis vaak eenzaam. Hij praat daarom met zijn
hond, en met elk ander voorwerp of schepsel in en rondom het huis.
Op een dag ontmoet hij het Windekind, een elfje die hem van alles
leert over het leven, dieren en de natuur. Het Windekind verteld Johannes dat
mensen slecht zijn en brengt hem naar
Wistik, een kabouter. Deze kabouter verteld hem dat er een boekje is waar alle
antwoorden op Johannes zijn vragen in staan. Omdat Johannes dit boekje zo graag
wilt vinden, verliest hij de waardevolle vriendschap met het Windekind. Johannes
is heel ongelukkig, en ontmoet een nieuw personage: Pluizer. Pluizer laat hem
al het leed onder de mensheid zien. Johannes vindt dit alles vreselijk, en
ontmoet Docter Cijfer die hem leert rationeel te denken. Samen gaan ze op zoek naar het boekje, maar
Johannes begint steeds meer naar thuis te verlangen.
Als hij eenmaal thuis is gekomen, denkt hij het Windekind te
zien en volgt het lichtje dat hem naar het strand leid. Eenmaal op het hoogste
duin aangekomen, moet hij een keuze maken; of naar het licht in de verte gaan,
of terug naar de mensen wereld. Dan komt
hij een man tegen vol eindeloze zachte weemoed. Deze man neemt de kleine
Johannes bij de hand en begeleid hem terug naar de mensenwereld en haar weedom.
Frederick van Eeden was een wereldverbeteraar in hart en nieren. Hij was geïnspireerd door Karl Marx zijn ideeën en hield zich diepgaand bezig met bestaan –en begripskritiek. In 1900 verscheen zijn psychologische roman “Van de koele meren des doods”, wat naast de kleine Johannes tot zijn bekendste boeken behoort.
In de laatste jaren van zijn leven begon hij zich meer te interesseren in spiritualiteit en significa. Op 61 jarige leeftijd sloot hij zich nog aan bij de Rooms-katholieke kerk.
Informatie over de tijd waarin het boek uitkwam:
In deze periode werd er een nieuwe literaire beweging gevormd, genaamd de Tachtigers. In het werk van deze auteurs kwamen het impressionisme en naturalisme sterk naar voren. Het was een vorm van kritiek tegen de Romantiek, de voorafgaande stroming.
De bekendste Tachtigers zijn: Willem Kloos, die min of meer optrad als de voorman van de beweging, Hélène Swarth, Albert Verwey, Alphons Diepenbrock, Frederik van Eeden, Lodewijk van Deyssel, Frans Erens en Herman Gorter.
De schrijvers uit deze groep hielden niet bezig met actuele problemen. Integendeel, hun persoonlijke gemoedsgesteldheid is hun belangrijkste thema, het ging dus vooral om het individu. Ook was schoonheid erg belangrijk, het ging om esthetica.
Omdat ze hun werk moeilijk geplaatst kregen in bestaande literaire bladen zoals De Gids, richtten de Tachtigers in 1885 hun eigen tijdschrift op dat De Nieuwe Gids heette en de spreekbuis van de beweging werd.
Brief van Windekind aan kleine Johannes
Voor Johannes,
Het laatst dat wij elkander ontmoette was aan het strand,
toen de zon in de roodgloeiende zee verdween. Daarginder verloort ge niet
alleen de zon, maar ook mij uit het oog. Maar vergeet niet, mijn kleine
Johannes, dat ik altijd aan deine zijde bent gebleven. Net als de zon. Ik stuurde
gij een trouwe vriend, als begeleider, toen u besloot om daar te gaan waar de
mensen leven.
U moet begrijpen, mijn kleine vriend, dat ik graag die
persoon had willen zijn. Ik zou u graag dergelijke dingen leren, die ik u
leerde over de natuur. Echter ben ik slechts een elf, en weet ik weinig van de
mensen wereld af. Ik kan u met gerust hart beloven dat u onder goede hoede bent
bij u nieuwe begeleider. Hij is een goed man, en ge kunt altijd op hem vertrouwen.
Ik weet dat ik menig maal slecht heb gepraat over het mensen
soort. Desalniettemin, ben ik u iets
zeer belangrijks vergeten te vertellen. Ge moet weten dat ik nooit liefde heb gekend,
of ooit leren kennen zal. Ge bent bevoorrecht een mens te zijn, mijn kleine
Johannes. Van horen zeggen, weet ik dat liefde dergelijk leed en weedom in een
mensenleven kan verzachten. Men kan het zelfs bijna doen vergeten.
Ge weet waarschijnlijk al dat er niet veel wonderen gebeuren
in de mensenwereld, en als er wonderen gebeuren probeert men deze rationeel te
verklaren. Maar nu moet ge eens goed naar mij luisteren Johannes. De mensheid
heeft bezit op het grootste wonder der wonderen, de liefde.
Dus, mijn kleine
vriend, zorg dat ge de liefde vindt. Ge bent een bijzonder jongetje, vergeet
dat niet. Vergeet ook niet, dat ik er altijd voor u ben.
Windekind
Brief van Johannes aan Windekind
Voor Windekind
Liefste vriend, wat fijn om weer van u te horen!
Ik ben gelange tijd verdrietig en ontsteld geweest, dat ge mij nooit meer op bent komen zoeken. Ik heb vele sombere dagen naar u uitgekeken. Elke dag zonder u, was als een dag zonder zon. Wel kwam die geniepige Wistik mij geregeld opzoeken, maar ik verlangde enkel naar uw helder blauwe ogen en verhalen over de natuur.
Zoals ik al zei, ik heb lang getreurd om uw vertrek. Totdat ik op een dag tot het besef kwam dat ge mij eigenlijk nooit verlaten hebt. Nu zie ik gij in alles in de natuur. Ik zie u in de pollen van de paardenbloemen, die vredig over het gras waaien. Ik zie u in het voorbij springende konijntje, in de waterjuffers en in de verdwaalde meikevers. Maar het meest zie ik u nog in mijn vriendin Robinetta. Zij heeft net zulke schitterende blauwe ogen als gij hebt. Ik moet u eerlijk bekennen dat toen ik dit meisje tegen ben gekomen, ik u bijna niet meer miste. Dit was natuurlijk omdat ik u ook in haar herken.
Ik ga zeker uw advies opvolgen, dat gaat zeker lukken. Ik denk dat ik de liefde van mijn leven al heb gevonden; mijn geliefde Robinetta.
Hopelijk komt u mij nog eens een bezoekje brengen. In mijn dromen wellicht. Want ik droom nog elke nacht, over de wonderen die ik met ge heb beleeft.
Johannes
Brief van Johannes aan Windekind
Voor Windekind
Liefste vriend, wat fijn om weer van u te horen!
Ik ben gelange tijd verdrietig en ontsteld geweest, dat ge mij nooit meer op bent komen zoeken. Ik heb vele sombere dagen naar u uitgekeken. Elke dag zonder u, was als een dag zonder zon. Wel kwam die geniepige Wistik mij geregeld opzoeken, maar ik verlangde enkel naar uw helder blauwe ogen en verhalen over de natuur.
Zoals ik al zei, ik heb lang getreurd om uw vertrek. Totdat ik op een dag tot het besef kwam dat ge mij eigenlijk nooit verlaten hebt. Nu zie ik gij in alles in de natuur. Ik zie u in de pollen van de paardenbloemen, die vredig over het gras waaien. Ik zie u in het voorbij springende konijntje, in de waterjuffers en in de verdwaalde meikevers. Maar het meest zie ik u nog in mijn vriendin Robinetta. Zij heeft net zulke schitterende blauwe ogen als gij hebt. Ik moet u eerlijk bekennen dat toen ik dit meisje tegen ben gekomen, ik u bijna niet meer miste. Dit was natuurlijk omdat ik u ook in haar herken.
Ik ga zeker uw advies opvolgen, dat gaat zeker lukken. Ik denk dat ik de liefde van mijn leven al heb gevonden; mijn geliefde Robinetta.
Hopelijk komt u mij nog eens een bezoekje brengen. In mijn dromen wellicht. Want ik droom nog elke nacht, over de wonderen die ik met ge heb beleeft.
Johannes
Abonneren op:
Posts (Atom)
